Blootstelling aan straling

In tegenstelling tot bijvoorbeeld licht kunnen we ioniserende straling niet zien of voelen. Er is echter veel kennis over straling en over wat dat met de gezondheid van mensen doet. Veiligheid en gezondheid staat bij alle toepassingen van ioniserende straling voorop. Er is daarom strenge wet- en regelgeving voor het gebruik van ioniserende straling die de blootstelling voor iedereen zo laag mogelijk moet houden.

Hoewel we het niet kunnen voelen, kan ioniserende straling schade veroorzaken in ons lichaam als we hieraan worden blootgesteld. De mate van blootstelling hangt af van de hoeveelheid en soort radioactieve stoffen die vrijkomen. Bij een lage stralingsdosis treden er geen merkbare gezondheidsproblemen op, omdat het lichaam zelf de schade aan de cellen, waaruit ons lichaam bestaat, kan repareren. Heel soms blijft er onherstelbaar beschadigd erfelijk materiaal (DNA) over. Dit kan leiden tot het ontstaan van kanker. Bij een zeer hoge blootstelling aan straling kunnen er wel acute gezondheidsproblemen optreden. Denk hierbij aan een rode huid, maar ook aan ernstige verzwakking van het immuunsysteem of beschadigingen van maag en darmen. Zulke hoge blootstellingen moeten dus altijd worden voorkomen.

De mate van blootstelling is ook afhankelijk van de windsnelheid en windrichting en of het bijvoorbeeld gaat regenen of niet. Deskundigen maken een zo goed mogelijke inschatting van hoe een kernongeval zich gaat ontwikkelen en welke stralingsdosis dit voor mensen in het getroffen gebied zou kunnen opleveren als de vrijkomende radioactieve wolk bewoond gebied bereikt.