In Nederland vinden jaarlijks duizenden ritten met radioactieve stoffen, splijtstoffen en ertsen plaats. De ANVS controleert of de radioactieve stoffen, splijtstoffen en ertsen veilig worden vervoerd. Er gelden vanwege de veiligheid strenge regels voor dit vervoer.

Regels voor vervoerders

In het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen (Bvser) staan alle regels waar vervoerders zich aan moeten houden. Die regels gaan bijvoorbeeld over het vervoer en de verpakking van het materiaal. En over hoe vervoerders nucleair materiaal naar het buitenland mogen vervoeren.

De Nederlandse regels sluiten aan op internationale technische eisen. De eisen zijn opgedeeld in regels voor verschillende soorten vervoer: over de weg, het spoor, het binnenwater, de zee en door de lucht. Deze technische eisen staan in de volgende regelingen:

  • Vervoer over land van gevaarlijke stoffen (VLG)
  • Vervoer over de spoorweg van gevaarlijke stoffen (VSG)
  • Vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen (VBG)

Bekijk het overzicht specifieke (technische) voorschriften per soort vervoer van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT).

Duidelijke eisen

Het vervoer van splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen moet aan verschillende eisen voldoen. Bijvoorbeeld eisen over de verpakking en de etiketten, de documenten over het vervoer en de ervaring van de vervoerder. Deze eisen gelden voor alle partijen die bij het vervoer betrokken zijn. Zo moet er een veiligheidsadviseur zijn bij bedrijven die splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen vervoeren.

Beveiligingsplan verplicht

Bij vervoer van bepaalde splijtstoffen en radioactieve bronnen moeten vervoerders een beveiligingsplan maken en zich hieraan houden. Dat staat in het Bvser en de VLG. In het beveiligingsplan staan de maatregelen die de vervoerder neemt om het vervoer te beveiligingen tegen diefstal en sabotage. Het beveiligingsplan en elke wijziging moeten goedgekeurd worden door de ANVS. Ook controleren we of de vervoerder zich aan het beveiligingsplan houdt.

Vervoer van splijtstoffen categorie I, II en III-materiaal

Een bijzondere soort splijtstoffen zijn categorie I, II en III-materiaal. Dit zijn splijtstoffen die extra beveiligd moeten worden. Dat moet volgens het Verdrag inzake fysieke beveiliging van kernmateriaal en kerninstallaties.

De politie begeleidt vervoer van categorie I en II-materiaal. Voor toezicht op categorie III-materiaal hebben we onder andere afspraken gemaakt met het Verkeerscentrum Nederland (VCNL). Dit is een onderdeel van Rijkswaterstaat. Deze afspraken staan in het convenant ANVS-VCNL.