In zeer-laagradioactief afval zit heel weinig radioactiviteit. Het is toch belangrijk om dit afval goed en veilig te op te slaan en te beheren. Zeer-laagradioactief afval ontstaat bij bedrijven die werken met ruwe grondstoffen, zoals ijzererts. Deze ruwe grondstoffen zijn van nature een beetje radioactief. Een voorbeeld van een radioactieve stof die aanwezig is in grondstoffen is radium.

Speciale stortplaatsen

Nederland heeft speciale vuilstortplaatsen waar zeer-laagradioactief afval gestort mag worden. Zo'n vuilstortplaats heet een deponie. Deponieën houden zich aan alle veiligheidseisen om gevaarlijke stoffen te mogen verwerken. Bijvoorbeeld zeer-laagradioactief afval, maar ook asbest. De hoeveelheid ioniserende straling van zeer-laagradioactief afval is zo laag dat het bijna niet door de afdeklaag van een deponie komt. Al het andere radioactief afval in Nederland gaat naar COVRA.

Aanleveren en verwerken van afval bij de deponie

Een bedrijf met zeer-laagradioactief afval moet dit veilig bij de deponie aanleveren. Daar wordt het afval gestort en meteen afgedekt met een laag aarde. Zo kan het afval zich niet via de lucht verspreiden. Er worden ook andere beschermende maatregelen genomen. Bijvoorbeeld om ervoor te zorgen dat het afval zich niet via regenwater kan verspreiden.